Volgens het standaardwerk van J.G.N. Renaud is er ‘geen aanleiding om het spaarvarken voor 1600 te dateren. Na zijn debuut laat hij zich over een groot deel van Europa geducht gelden’ (citaat). Het spaarvarken brengt geluk. Dat is niet alleen reden om het varken met Nieuwjaar te schenken (Duitsland), maar ook om bij geboorte een geboortevarken te schenken als gelukbrenger voor de kleine. Spaarbanken speelden daar in de jaren ‘50 op in door spaarvarkentjes te verstrekken aan (de ouders van) pasgeborenen. De traditie van het geboortevarken bestaat in Friesland nog steeds.


Geboortevarkens van mijn zoon (1970) en dochter (1971)
Hoe het varken een gelukszwijntje kon worden?
1. Zwijnen (overdrachtelijk; in Duits ‘Schwein haben’) betekent onverdiend of onverwacht geluk hebben. De oorsprong hiervan hangt samen, denkt men, met het middeleeuwse gebruik om bij jaarmarkten de verliezer bij wedstrijden met enig vertoon en hoon een varken te geven. Dat was voor de verliezer een onverwacht geschenk en het varken daarmee een gelukbrenger.
2. Leerjongens die in de Middeleeuwen van baas naar baas trokken (de zogenaamde Wandergesellen) werkten in de oogstperioden of perioden dat ze even geen baas hadden vaak in de landbouw. Aan het eind van zo’n werkzame periode gaf de boer hen als loon een biggetje mee met de beste wensen (“veel geluk”) voor de toekomst.
3. In het oude Egypte (de tijd van de farao’s) gaf men elkaar met Nieuwjaar vaak een amulet in de vorm van een zeug (vrouwelijk varken) als symbool van vruchtbaarheid, welvaart en geluk.